Persbericht : Zorgt het nieuwe Vlaamse decreet jeugddelinquentie voor een verbetering voor justitie?

Voor het eerst boog de Hoge Raad zich over plannen van de Vlaamse regering. Het “voorontwerp van decreet betreffende de jeugddelinquentie” van 14 juli 2017 zou immers een grote impact kunnen hebben op de werking van justitie en het vertrouwen van de burger in het gerecht.

Ook de regering van de Franstalige gemeenschap is bezig met het hervormen van het jeugdrecht. Wellicht zal de Hoge Raad ook deze plannen onderzoeken. In elk geval pleit de Hoge Raad voor een breed overleg tussen de diverse overheden en jeugdmagistraten, al is het maar omdat de aanpak van jeugddelinquentie en de mogelijkheden van de jeugdhulpverlening meer en meer zal verschillen. Dat zal het scherpst worden aangevoeld in en rond Brussel. 

In een kritisch maar constructief advies wijst de Hoge Raad er op dat het (veel meer dan vroeger) benadrukken van de eigen verantwoordelijkheid van de jongeren verregaande gevolgen heeft, vooral voor de wijze waarop de jeugdrechtbanken nu georganiseerd zijn. Het zogenaamde “responsabiliseringsmodel” is op zich een aanvaardbaar theoretisch principe. In de praktijk valt een scheiding tussen jeugddelinquenten en jongeren die hulp nodig hebben niet zo makkelijk te maken.

Mooie principes in de wet schrijven is één ding, die principes snel en goed in de praktijk kunnen omzetten is nog iets anders. Daarom dringt de Hoge Raad er op aan dat voldoende middelen worden uitgetrokken om ervoor te zorgen dat de jeugdmagistraten en de Vlaamse diensten de delinquentie kunnen aanpakken.

In sommige gevallen geeft het voorontwerp te veel ruimte aan de Vlaamse regering om de maatregelen die de jeugdrechter kan nemen, in te vullen. Zo blijft het voorontwerp te vaag over hoe de zogeheten “elektronische monitoring” er precies zal uitzien.

De Hoge Raad is tevreden met de invoering van een nieuwe sanctiemogelijkheid: de langdurige begeleiding in een gemeenschapsinstelling voor jongeren vanaf 16 jaar. Die begeleiding zou dus voor sommigen bijna kunnen duren tot hun 25° verjaardag. Dat zal wellicht tot gevolg hebben dat jeugdrechters de uithandengeving (waardoor jongeren toch als volwassenen berecht kunnen worden) nog minder dan nu zullen uitspreken.

Het volledige advies vindt u hier terug.