Persbericht: Ronald Janssen: HRJ is gestart met onderzoek werking gerechtelijk apparaat

De Hoge Raad voor de Justitie (HRJ) is donderdag van start gegaan met zijn onderzoek naar de werking van het gerechtelijk apparaat in het strafdossier betreffende de moord op Annick Van Uytsel. Een bijzonder onderzoek, uitgevoerd vóór of tijdens het assisenproces, kon dit proces onder meer vertragen, voor uitstel zorgen of het goede verloop ervan in het gedrang brengen. Nu er geen cassatie werd aangetekend tegen het arrest, kan het eigenlijke onderzoek van de HRJ starten.

“De voorbije weken zijn wel reeds de nodige voorbereidingen getroffen voor het eigenlijke onderzoek”, aldus de HRJ. “Zo woonde een auditor van de HRJ het assisenproces bij en stelde hiervan verslag op”.

Nu kan de HRJ echt van start gaan met zijn werkzaamheden. De Verenigde advies- en onderzoekscommissie, een 16-koppige commissie binnen de HRJ, is als enige bevoegd om dergelijke bijzondere onderzoeken uit te voeren. Daarvoor beschikt zij over de volgende specifieke bevoegdheden. Zij kan zich ter plaatse begeven om alle nodige vaststellingen te doen, maar kan geen huiszoeking verrichten. Zij kan eveneens de gerechtelijke dossiers die afgesloten zijn inkijken. Tot slot kan zij ook leden van de rechterlijke orde horen, bij wijze van inlichting.

De Hoge Raad voor de Justitie had in februari dit jaar unaniem beslist om na het assisenproces een bijzonder onderzoek uit te voeren. “Wij willen duidelijkheid krijgen over wat er precies is gebeurd en zullen antwoorden zoeken op volgende vragen: Heeft het gerechtelijk apparaat goed gefunctioneerd? Had het beter kunnen functioneren? En zo ja, wat kunnen wij voorstellen opdat het gerecht in dergelijke dossiers optimaal zou functioneren? ”

Het verslag kan aanbevelingen en/of beleidsvoorstellen bevatten. Ter info: de HRJ heeft zelf geen tuchtrechtelijke bevoegdheid, maar de bevoegde tuchtoverheden kunnen steeds, op basis van de informatie in het verslag, een tuchtonderzoek instellen.
De afgelopen jaren werden diverse onderzoeken uitgevoerd door de HRJ, bijvoorbeeld naar de zaak-Fortis of over de rechtbank van koophandel te Brussel.

Tijdens het bijzonder onderzoek zal er niet over het verloop van het onderzoek worden gecommuniceerd om in alle onafhankelijkheid en sereniteit te kunnen werken. Na afloop van het bijzonder onderzoek zal een verslag worden opgesteld. Zoals de wet bepaalt, zal dat verslag worden overgemaakt aan de minister van Justitie, het parlement en de korpsoversten van de Belgische magistratuur.