Persbericht : De strijd tegen de corruptie, één van de sleutels tot het vertrouwen van de burger in justitie

De Raad van Europa zet zich al meerdere jaren in voor de strijd tegen corruptie. In het kader van deze strijd heeft hij de Groep van Staten tegen Corruptie ­­– de GRECO – opgericht die momenteel 49 lidstaten verenigt.

Sinds 2012 heeft de GRECO een evaluatiecyclus opgestart met betrekking tot corruptie van parlementsleden, rechters en magistraten. België werd in 2014 geëvalueerd en het definitieve conformiteitsverslag werd onlangs goedgekeurd. Het verslag bevat 15 aanbevelingen waarvan er vijf betrekking hebben op de gerechtelijke wereld.

De GRECO heeft kritiek op het al te gemakkelijk en te vaak beroep doen op plaatsvervangende rechters. De HRJ heeft zich al meermaals over deze problematiek uitgesproken en heeft hierover twee ambtshalve adviezen uitgebracht. De HRJ betreurde hierin dat de goede werking van het rechtsbestel op structurele wijze afhangt van vrijwilligers en hij pleitte dan ook voor een studie over de noodzaak om dergelijke praktijken te behouden. De HRJ formuleerde toen ook verschillende aanbevelingen over onder meer de opleiding en de werving van plaatsvervangende magistraten en over het beroep op hun diensten.

De tweede aanbeveling van de GRECO bestaat erin maatregelen te treffen die leiden tot het versterken en het werkzamer maken van de managersfunctie van de korpschefs.

Ook over dit onderwerp heeft de HRJ al een aantal adviezen opgesteld. Daarnaast heeft hij de nieuwe standaardprofielen voor leidinggevende functies uitgewerkt, die bestaan uit een functiebeschrijving en een bijhorend competentieprofiel. De HRJ heeft recent nog een initiatief genomen en zal binnenkort een advies verlenen aan de wetgever waarin de HRJ verschillende pistes voorstelt om de functie van korpschef te valoriseren en aantrekkelijker te maken.

De derde aanbeveling van de GRECO betreft de regels voor de verdeling van de zaken onder de rechters. Dit is een bevoegdheid van het directiecomité van elk rechtscollege. De HRJ interfereert niet in hun bevoegdheden, maar waakt wel over de correct uitvoering ervan, onder meer door de werkingsverslagen, die hem jaarlijks door de rechtscolleges worden meegedeeld, aandachtig te onderzoeken.

Vandaag bestaat er geen algemeen evaluatieverslag, zoals de GRECO dat zou willen, wegens het ontbreken van voldoende betrouwbare gegevens over de werking van de rechterlijke organisatie. Er is op dit ogenblik ook geen bruikbare werklastmeting. De HRJ pleit ervoor dat het college van de zetel en het college van het openbaar ministerie ieder jaar een werkingsverslag opstellen en een specifiek verslag over hun interne controle, zodat de HRJ zijn rol op het gebied van externe controle volledig kan uitoefenen. Nu vervult de HRJ deze rol al door de klachten over de werking van justitie te behandelen en door audits en bijzondere onderzoeken uit te voeren. Op basis daarvan kan de HRJ pistes aanreiken om de werking van de rechterlijke orde te verbeteren.

De GRECO keurt deze rol van de HRJ op het gebied van de externe controle volledig goed en pleit er in een vierde aanbeveling voor dat op politiek niveau alles in het werk wordt gesteld om de ontwikkeling van de audits en de bijzondere onderzoeken mogelijk te maken.

De HRJ is zelf ook vragende partij voor een dergelijke uitbreiding en heeft aan het parlement gevraagd hem in de toekomst de nodige kredieten toe te kennen om deze activiteiten nog verder te ontwikkelen.

Tot slot dringt de GRECO erop aan dat alle magistraten worden onderworpen aan eengemaakte en bindende deontologische regels. In 2012 hebben de HRJ en de Adviesraad van de magistratuur een (deontologische) gids voor magistraten opgesteld. Nu is het aan de wetgever om er een bindend instrument van te maken. De HRJ denkt van zijn kant na over manieren om de kennis en naleving van de regels in deze gids beter na te gaan.

De HRJ wil het vertrouwen versterken van de burger in ons gerechtelijk apparaat en de doeltreffendheid van justitie. De HRJ ijvert voor de uitvoering van verschillende aanbevelingen van de GRECO en zal het reeds uitgevoerde werk voortzetten.

In dat opzicht wil de HRJ kunnen blijven rekenen op de samenwerking van alle actoren en de noodzakelijke steun van de wetgever.

Voor meer inlichtingen:

Christian Denoyelle

christian.denoyelle@hrj.be | Tel : 02 535 16 16