Bijzonder onderzoek naar de relaties binnen de financiële sectie van het parket bij de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen en naar de relatie ...

Bijzondere onderzoeken

Inleiding

Op vraag van de minister van Justitie, heeft de Hoge Raad voor de Justitie een bijzonder onderzoek gevoerd naar de relaties binnen de sectie fiscale en financiële criminaliteit van het Antwerpse parket en naar de relatie tussen parket en parket-generaal met betrekking tot deze materies. Aanleiding waren de aanhoudende wrijvingen bij de behandeling van fraudedossiers.

Voorgeschiedenis

In het kader van een gerechtelijk onderzoek, gevorderd door de Antwerpse procureur-generaal, werden huiszoekingen uitgevoerd bij een substituut-procureur des Konings, gespecialiseerd in fiscale zaken, en twee gedetacheerde ambtenaren van de FOD Financiën. Volgens de procureur-generaal was zijn optreden in het concrete diamantdossier noodzakelijk geworden om procedureel orde op zaken te stellen. Volgens de media had de procureur-generaal reeds eerder vragen gesteld bij de werkwijze van de substituut-procureur des Konings in de dossiers rond fraude in de Antwerpse diamantsector. Ook binnen de financiële sectie van dit parket zouden er interne twisten zijn, in het bijzonder tussen het hoofd van de sectie en de betrokken substituut-procureur des Konings. Dit alles gaf aanleiding tot berichten in de media over een zogenaamde “oorlog” tussen het parket-generaal en het parket te Antwerpen, en binnen de sectie financiële en fiscale criminaliteit van het Antwerpse parket. De minister vraagt op 13 januari 2012 aan de VAOC een bijzonder onderzoek.

Protocolakkoord

De HRJ heeft een situatieschets gemaakt van de interne relaties binnen het parket en die met het parket-generaal en daaruit een aantal aanbevelingen gepuurd. Ook heeft hij bij het parket een bemiddelingspoging ondernomen tussen een substituut en de sectiechef ECOFIN, die onvoldoende garanties bood voor een duurzame verstandhouding, maar uiteindelijk toch verder kon worden uitgebouwd tot een werkbaar protocolakkoord. Dat akkoord is gedragen door de betrokkenen zelf en werd door hen unaniem goedgekeurd en ondertekend, op 9 maart 2012. Het protocol is opgenomen in het HRJ-verslag.

Analyse en aanbevelingen

De VAOC doet in zijn verslag talrijke aanbevelingen en in samenspraak met de procureur-generaal en de procureur des Konings werd overeengekomen om opnieuw een belangrijke rol toe te kennen aan een vroegere sectiechef. Hierover werd een protocolakkoord gesloten tussen de procureur-generaal en de procureur des Konings dat tevens werd doorgesproken met alle betrokken partijen.

De uitvoering van het protocolakkoord zal in de eerste week van juni 2012 samen met de Hoge Raad worden geëvalueerd.