Audit van de strafgerechten van Charleroi

Audits

Op 26 maart 2002 heeft de minister van Justitie een brief gestuurd aan de heer voorzitter van de Hoge Raad voor de Justitie (HRJ) over het probleem van de gewelddadige criminaliteit in het gerechtelijk arrondissement van Charleroi.

Deze brief volgt op een ontmoeting over dit onderwerp in Charleroi op 19 maart 2002, met de premier, leden van de federale regering, de procureur-generaal van Bergen en de procureur des Konings van Charleroi, waarna bleek dat de strafrechtelijke gerechtelijke achterstand in Charleroi weggewerkt was.

In deze brief stelt de minister dat hij dit zo wil houden en dat hij alle schikkingen die zich opdringen wil treffen om het strafgerecht te Charleroi te voorzien van de nodige middelen voor de werkelijke behoeften. In dit kader belastte hij de HRJ een algemene audit uit te voeren van het strafgerecht in Charleroi (parket, onderzoek, correctionele en jeugdrechtbank), met inbegrip van het administratief personeel, “horizontale” audit die aangevuld moet worden met een “verticale” audit, met betrekking tot het strafgerecht in hoger beroep.

De opdracht werd als volgt omschreven:

evalueren of de huidige middelen waarover het arrondissement en het ressort Charleroi, inzake strafrecht, beschikken op adequate wijze worden aangewend; indien nodig voorstellen formuleren om de huidige middelen te optimaliseren; de beheersmodi van de strafvordering analyseren op de verschillende beslissingsniveaus; de werkelijke behoeften bepalen van het strafgerecht in Charleroi en het ressort, in aantal en aanstelling van de parketmagistraten, onderzoek, correctioneel of jeugd, maar ook in aantal en aanstelling van de administratieve bedienden.